Ondernemen als persoonlijke ondernemer of via de eigen BV, het is het één of het ander, een “mix” bestaat niet.

10 juni 2017
/ /
Comments Closed
/

Ondernemen als persoonlijke ondernemer of via de eigen BV, het is het één of het ander, een “mix” bestaat niet.

10 juni 2017
/ / /
Comments Closed

Regelmatig leggen ondernemers hun situatie voor: ze zijn erg tevreden met de zelfstandigenaftrek en de MKB winstvrijstelling en die willen ze beslist niet kwijt, maar van hun privé aansprakelijkheid liggen ze nog wel eens wakker. Zou er een “gouden” combinatie mogelijk zijn: bijvoorbeeld een BV die de overeenkomsten met klanten en crediteuren aangaat en de ondernemer die zijn uren aan de BV factureert. De ondernemer zou zijn aftrekposten behouden terwijl de BV de aansprakelijkheid afdekt. Helaas, dit gaat echt niet werken. Een dergelijke situatie is recentelijk nog eens door Hof Den Haag getorpedeerd.

De situatie

Het betrof een ondernemer “X” die met een compagnon evenementen organiseerde. Vanaf 2000 waren de activiteiten ondergebracht in een BV van waaruit de ondernemer salaris ontving.

Eind 2010 richt “X” met twee anderen een coöperatieve vereniging (CV) op. De CV UA – met uitgesloten aansprakelijkheid – gaat vervolgens de onderneming uitoefenen en X factureert de CV jaarlijks € 45.000,- die hij in zijn aangifte inkomstenbelasting als “winst uit onderneming” aangeeft. “X” claimt natuurlijk ook de zelfstandigenaftrek en de MKB winstvrijstelling.

De belastingdienst corrigeert een en ander en het komt uiteindelijk tot een fiscale procedure. Volgens Rechtbank Den Haag zijn de werkzaamheden die X aan de CV in rekening heeft gebracht, feitelijk uitgevoerd door de CV. Aangezien X lid is van de CV en dus een zogeheten “aanmerkelijk belang” in de CV bezit, is er sprake van een fictieve dienstbetrekking. De jaarlijkse vergoedingen van € 45.000 zijn dus terecht aangemerkt als loon. X gaat nog in hoger beroep maar het Hof Den Haag is van mening dat X geen zelfstandig beroepsbeoefenaar is. Hij is uitsluitend werkzaam geweest voor de CV en heeft ook uitsluitend aan de CV gefactureerd. Verder is nog van wezenlijk belang dat de contracten met klanten en crediteuren steeds op naam van de CV werden gesloten en niet op naam van “X” en dat de CV factureerde aan haar opdrachtgevers. “X” had  dus slechts één opdrachtgever – namelijk de CV – en kon dus niet als zelfstandig ondernemer worden beschouwd.

Door: Huub Rosenboom RB, Kubus Doesburg